Kina Smit is orthopedagoog in Heemstede en auteur van het boek: ‘Opvoeden, het hoeft niet zo perfect’. Volgens Kina kom je als opvoeder een heel eind met twee basisprincipes: grenzen stellen en praten met je kind. De kletsboeken zijn daarbij een mooi hulpmiddel.
Met wat voor problemen komen kinderen bij jou?
“Ik vind eigenlijk dat kinderen nooit een probleem hebben. Ze hoeven niet ‘gefixt’ te worden. Er spelen gewoon gevoelens, bij kinderen én bij ouders, waardoor iets niet soepel loopt. Ik kijk naar de interactie tussen ouder en kind of tussen kind en omgeving. Een kind geeft vaak aan met zijn of haar gedrag: ‘Ik red het niet.’”
Waar zou je meer van willen zien bij opvoeders?
“Ontspanning en plezier. Ik zou willen dat we onze hoge eisen loslaten en vertrouwen meegeven in plaats van angst. We zijn het kinderleven enorm aan het organiseren, maar een kind is geen project met targets en we kunnen niet alles wegpoetsen. Het komt wel goed als je praat met je kind, luistert en écht contact maakt. En de regie houdt, nee zegt en grenzen stelt. Kinderen hebben behoefte aan duidelijkheid, ook als dat niet leuk is.”
Praten ouders en kinderen nog genoeg met elkaar?
“Ik denk dat er meer gepraat wordt dan vroeger. Dat is winst. Alleen hoe is de vraag. Soms komt contact niet tot stand omdat er zoveel verwachtingen spelen. Soms praten we te veel, willen we alles voor onze kinderen oplossen. En tot slot is het goed om emoties te erkennen, maar zie ik dat bij de bakfietsouders soms doorslaan.”
Maar hoe doe je het dan goed?
“Je doet het nooit goed, maar ook niet zo snel fout. De gedachte dat er een ‘goed’ of ‘fout’ is, moeten we leren loslaten.”
Staat die gedachte contact tussen ouders en kinderen in de weg?
“De verwachtingen, snelheid en drukte van onze hypernerveuze samenleving zijn een grote uitdaging. Kinderen hebben behoefte aan contact in het moment, maar de constante druk van buitenaf maakt het moeilijk om samen in het moment te zijn.”
Heb je daar tips voor?
“Je kan een vast contactmoment op de dag creëren. Zelf doe ik dat aan tafel, maar wat ook goed werkt, is Slaapklets. Gevoelige kinderen moeten vaak ’s avonds de dag verwerken. Een kletsboek creëert daar een routine voor, dat is heel gezond. Je maakt contact en helpt je kind om over zijn eigen binnenwereld te praten.”
Heb je weleens gezien dat een kletsboek hielp?
“Vaak genoeg. Een vader vond zijn onrustige zoontje zo lastig, dat hij het moeilijk vond om op een leuke manier samen te zijn. Ze zijn Emotieklets gaan doen. In het begin zei het kind steeds: ‘weet ik niet’, maar na wat langer volhouden kwamen er gesprekken. Nu begrijpen ze elkaar stukken beter.”
Welk kletsboek is jouw favoriet?
Emotieklets. Het is waardevol om je eigen gevoelens te kunnen herkennen. Aan het einde van de dag komen die gevoelens vaak bovenborrelen. Als je er dan over kan praten, worden ze erkend. En dat is wat gevoelens willen: gezien worden.”